Je bent niet raar – je hebt gewoon bindingsangst
“Ik heb toch geen last van bindingsangst?” vraagt Marin voorzichtig. Ze zit tegenover mij voor een kennismakingsgesprek, en kijkt me angstig aan. Alsof ze bang is dat ik zo direct een diagnose ga stellen. En ook nog een diagnose die gaat bevestigen dat er iets grondig mis met haar is…
Die angst herken ik maar al te goed. Toen ik rond de dertig was en zelf onderzocht waarom mijn relaties nooit echt duurzaam werden, vreesde ik óók dat er iets met mij mis was. Het kostte me flink wat tijd om daar anders naar te leren kijken.
Het ligt niet alleen aan pech (of aan de ander)
Eerst moest ik accepteren dat het niet gewoon pech was dat de relaties die ik had strandden. Daarna moest ik erkennen dat het niet alleen aan de mannen lag die ik uitzocht. Ik had zelf óók een aandeel.
En toen kwam misschien wel het lastigste stuk: mezelf overtuigen dat er niet fundamenteel iets mis was met mij. Dat ik best wat last had van bindingsangst of verlatingsangst (afhankelijk van de fase in de relatie en het gedrag van de ander), maar dat dat me geen minder leuk mens maakte.
Pas toen ik dat allemaal kon laten zijn, werd het makkelijker om dingen echt te veranderen. Dus ik snap heel goed waarom Marin nu wat zenuwachtig op mijn bank zit.
Bindingsangst is geen diagnose (en je bent niet raar)
Wat ik haar vertelde, deel ik hier ook:
1. Bindingsangst is geen psychologische diagnose.
Het is een angst, net als vliegangst: heel vervelend als je ermee wordt geconfronteerd, maar verder kun je prima functioneren.
2. Je bent niet de enige.
Bijna 40% van de mensen heeft last van bindingsangst en/of verlatingsangst. En dat zijn cijfers uit ouder Amerikaans onderzoek. In onze individualistische, maakbare maatschappij ligt dat percentage waarschijnlijk alleen nog maar hoger.
3. Het maakt je geen minder mens.
Bindingsangst en verlatingsangst zijn in essentie stressreacties. Iets levert stress op, en de menselijke reactie daarop is vechten of vluchten.
Wat stress oplevert: échte verbinding
In dit geval is hetgeen wat je stress oplevert: een échte diepe verbinding aangaan met een ander mens. En dan kunnen er dus een van de twee reacties ontstaan:
· Je krijgt bindingsangst en je gaat vluchten (oftewel afstand nemen).
· Je krijgt verlatingsangst en je gaat vechten voor wat je hebt (oftewel alles doen om de ander bij je te houden).
Jouw vroegere ervaringen bepalen in welke mate die nieuwe verbinding stress oplevert en wat jouw overlevingsstrategie in dat geval is: vechten of vluchten. Een normale stressreactie dus, maar helaas in dit geval gekoppeld aan de verkeerde situatie: het aangaan van een relatie. Want die verbinding wil je natuurlijk eigenlijk ook juist wél.
Goed nieuws: met je stressreactie kun je leren omgaan
Als singlecoaches helpen Hans en ik mensen om die stressreactie te herkennen, begrijpen en vervolgens anders te kiezen. Niet wegvluchten of vastklampen, maar verbinden op een manier die wérkt en duurzaam is.
Daarom helpt het benoemen van bindingsangst of verlatingsangst juist: niet als enge diagnose, maar als kompas. Je bent dus niet stuk, maar een mens met een ongemak dat soms opspeelt.
Ook aan de slag met je bindingsangst of verlatingsangst?
Marin durfde het aan om hiermee aan de slag te gaan. Wil jij dat ook? Kijk eens naar onze online training over dit onderwerp. Of kom langs voor een vrijblijvend en gratis kennismakingsgesprek. We kijken samen of ons coachingsprogramma ‘Laat liefde werken’ bij jou past en hoe wij je kunnen begeleiden naar die liefdevolle duurzame relatie.


Geef hier ook je reactie of lees bestaande reacties
Alle reacties (0)